Het jaar 2018 begon met onzekerheid. Veel bladeren zijn bulterig, waarschijnlijk veroorzaakt door een galmijt. Op zich niet ernstig, ware het niet dat de bladeren ook zwart werden. Alle zwarte bladeren zijn verwijderd. De tot de ent teruggesnoeide rassen: Pinot Meunier en de Dornfelder, doen het goed. We kunnen er dit jaar echter nog niet van oogsten.

De zomer van 2018 verloopt warm en droog. We hebben in het begin van de zomer veel beregend, maar zijn hier uiteindelijk mee gestopt. De druiven ontwikkelen zich goed, ze hebben geen last van de droogte. Sterker, door deze droogte is de schimmeldruk zeer laag. De suiker-percentages zijn hoger dan ooit en op 6 oktober gaan we oogsten! De opbrengst blijkt ruim 2x zo hoog te zijn vergeleken met vorig jaar. Mijn vader helpt weer met de oogst en samen met Hilda en de kinderen hebben we de druiven in ongeveer 3 dagen handmatig ontsteeld.
Eigenlijk duurde dit te lang, voor volgend jaar gaan we op zoek naar een machinale ontsteler/kneuzer. Maar een week later staan er 4 vaten van elk 60 liter de eerste gisting te doorstaan. Deze eerste gisting verloopt goed en na een paar weken wordt de wijn van de schillen afgetapt. De lift die mijn vader gemaakt heeft komt hierbij uitstekend van pas! Door deze lift kan eenvoudig een vat van 70 liter omhooggebracht en afgetapt worden.
Het laboratorium-onderzoek levert verrassende resultaten op: Een alcohol-percentage van 14%, en iets te veel sulfiet toegevoegd. Voldoende voor een bewaarwijn, maar te veel als de 2e gisting (de malo) nog gepland is. De smaak is echter verrassend goed, al laten we het oordeel graag aan anderen over. Wij vinden de nog niet voltooide wijn echter nu al beter dan de beste supermarktwijn.